Geef mij een trage meanderende rivier.
Waarvan ik haar bewegingen niet vermoed.

Of een wind die raast over de vlakte,
waar de golven land afkabbelen.

Naast de doodstille in slaap gehulde stad gelegen,
waar de wilgen zich verdrinken aan het meer,
en de dijken zinloosheid vertonen.

Geef mij het akkerse leven,
in winterse armoedigheid getooid.
Of die rijp krakende schone heide.

Geef mij dat huppelend reetje in de wei,
een jaarling rollend in het gras.

Maar bovenal
Geef mij maar een vraag, geen antwoord.

SjBK, 7 november 2021